2024 Columns

Irritatie alom!

Vannacht droomde ik dat ik Google aandelen kocht. Niet een paar, een hele bups tegelijk. Ik geloofde er zo in dat ik mezelf in de schulden stak en in één keer voor duizenden euro’s aandelen kocht. De beurs crashte niet lang erna en niet lang daarna werd ik wakker. Het eerste dat ik hoorde toen ik mijn ogen opendeed was een foutmelding van Windows dat bij een van de buren al dagen achtereen afgaat, keihard. Geen wonder dat Google langs kwam in mijn dromen, zelfs mijn onderbewuste werd geteisterd door de Windows foutmelding. Om de minuut ging de melding af. Dagenlang. Dag en Nacht.

‘Waar komt dat irritante belletje vandaan dat telkens afgaat?’ Vroeg een buurvrouw me toen ik thuiskwam van boodschappen doen en de binnenplaats betrad.

‘Dat vraag ik me ook al dagen af,’ antwoordde ik, terwijl ik de boodschappentas op de grond neerzette en om me heen keek.

‘Het gaat ook in de nacht door. Ik kan er niet van slapen. Is het een alarm?’

‘Het is een computer die telkens opnieuw een foutmelding aangeeft.’

‘Een computer?’

‘Ja, het is een foutmelding van Windows. Ik herken het. Het maakte me vannacht helemaal gek toen ik niet kon slapen. Ik droomde er later zelfs over, toen ik eindelijk inslaap viel.’

‘Misschien is die persoon dan op vakantie en vergat hij zijn computer uit te doen?’

‘Dat is mogelijk. Ik weet het niet. Straks zoek ik uit waar het vandaan komt.’

‘Ik denk ergens uit die hoek daar.’

De buurvrouw wees rechts achter ons. Een gebouw met appartementen dat aan ons appartementengebouw grenst maar niet bij de onze hoort.

‘Ik denk ook uit dat gebouw. Vanmiddag bel ik eraan.’

‘En wat zeg je dan?’

‘Gewoon, of de computer uit mag of het geluid of in ieder geval zachter.’

‘Ok. Succes. Maar ik denk niet dat er iemand thuis is hoor. Daar word je zelf toch ook helemaal gek van?’

‘We zullen zien.’

Even later die middag ging ik naar het appartementencomplex. Ik belde op een willekeurige bel aan, er deed niemand open. Ik probeerde een andere bel, wederom geen gehoor. Achterin de straat hoorde ik geschreeuw. ‘Mevrouw! Hey, mevrouw, zoekt u iemand?’ Ik liep op de jonge mannen af die mijn kant opkwamen. Ze waren nogal groot gebouwd. Even dacht ik: hmm, is dit wel zo een slim idee om hen aan te spreken op geluidsoverlast? Straks worden ze agressief. Ik kan niet op tegen deze twee grote knapen. Toch liep ik door en sprak ik ze aan. ‘Ja zeker, ik zoek iemand in dat gebouw daar die een computer heeft.’

‘Ik heb een computer, mevrouw’ zei een van de jonge mannen.

‘Ah ok. Staat die nu aan?’

‘Ja, mevrouw.’

Gelijk daalde het tot me dat de jonge man niet zo pienter was. Zijn vriend ook niet, die zich nu ook met het gesprek moeide.

‘Vervelend hè, mevrouw? Ik zei ook al tegen hem dat zijn computer uit kan.’

‘Moet de computer uit?’ vroeg de jonge man wiens computer het was, zeer verbaasd.

‘Ja, graag. Vele buren van je, waaronder ik, kunnen niet slapen als het in de nacht stil is en jouw computer telkens dat geluid maakt.’

‘Irritant hè, mevrouw. Hij is een goeie jongen, maar soms wel irritant hoor,’ zei de vriend van de computergebruiker.

‘Moet de computer écht uit?’ vroeg de computergebruiker nu.

‘Ja, of het geluid uit of zacht.’

‘Maar waar woont u dan, mevrouw?’

‘Ik woon een stukje verder, boven de Hema.’

‘Helemaal daar? Wow! Hoort u mijn computer helemaal daar?’

‘Ja, helemaal vanaf daar hoor ik jouw computer.’

‘Ok, mevrouw. De computer is straks uit. Echt hoor, mevrouw.’

‘Ok, ja. Dat zou fijn zijn.’

‘Sorry, mevrouw.’

‘Het is al goed.’

‘Het spijt me echt hoor, mevrouw’

‘Het is echt al goed. Maar straks is ie wel uit hè, beloofd?’

‘Beloofd, mevrouw. Ik beloof het echt.’

‘Goed. Fijne dag nog. Geniet van de zon.’

‘U ook, mevrouw.’

Na enkele minuten was de Windows foutmelding niet meer hoorbaar. De rust keerde terug. Ik kon me weer concentreren en mezelf horen denken. Schrijven. Leven. Slapen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

error: Content is protected !!