Held uit mijn tienertijd
De muziek die je beluisterde in je tienertijd beïnvloedt je muzieksmaak voor de rest van je leven. Een New York Times onderzoek wees dit uit. Zonder dat onderzoek wist je dat vast ook al, maar het is toch leuk om te weten dat er ook onderzoek naar is verricht.
In mijn tienertijd luisterde ik veel activistische singer songwriters, sterke vrouwen die onrecht aan de kaak stelden. In de jaren ’90 waren onder andere Sheryl Crow en Fiona Apple mijn helden met hun protestliederen. Vrouwen die opkwamen voor vrouwen en politieke kwesties aan de orde stelden.
Sheryl Crow werd eens geboycot door de supermarktketen Walmart, wat in die tijd best klote was voor haar (en haar platenmaatschappij) omdat dat dé winkel was waar men muziekcd’s, lp’s en cassettebandjes kocht. In sommige dorpen was Walmart de enige optie om muziekdragers te kopen. Walmart ging het om het liedje “Love is a Good Thing” waarin Sheryl suggereert dat kinderen een pistool kunnen kopen in hun supermarkt en vervolgens elkaar kunnen vermoorden op school. Walmart wilde dat ze de songtekst veranderde, Sheryl weigerde en vervolgens zorgde de supermarkt ervoor dat haar zelfgetitelde album niet verkrijgbaar was in hun winkel. (Lang hoefde ze er trouwens niet om te treuren, later dat jaar won het album namelijk een Grammy.)
Het lied “Love is a good thing” greep mij omdat ik een tiener was en die bloedbaden, zoals de Columbine shooting, op de middelbare scholen daar in Amerika groot in het nieuws waren in die tijd.
Sheryl Crow werd een held van me, die ik op de voet bleef volgen. Ieder nieuw album was ik opnieuw benieuwd wat ze nu weer te vertellen had. Gisteren trad Sheryl op in de Paradiso. Het was in no time uitverkocht. Dat verwachtte ik al. De dag dat de kaartverkoop van start ging kocht ik dus precies om 10u de kaarten. Ik moest en zou er uiteraard bij zijn.
Vijftien jaar geleden reisde ik eens af naar Den Haag om haar op Parkpop te zien optreden. Met mijn tante stond ik helemaal vooraan in een mensenmassa. Dat was mooi, maar massaal. De Paradiso is intiem. In de grote zaal passen maximaal 1500 mensen. Als je een goede plek hebt voelt het alsof de artiest alleen voor jou zingt.
Voor de avond van het concert in de Paradiso regelden mijn vrouw en ik een oppas voor onze baby. Jawel, mijn vrouw sleepte ik mee naar het concert. Zij kende wel een enkel liedje van Sheryl maar dat was het dan ook. Meerdere keren had ze dan ook laten vallen dat ik ook wel iemand anders mee mocht nemen. Maar na een aantal afzeggingen van vrienden die ik meevroeg, werd mijn vrouw toch de pineut. Al wilde ik haar al vanaf het begin het liefst mee hebben en naast me hebben staan, omdat het voor mij toch best een groot gebeuren was dat mijn jeugdidool optrad en om dat met haar te kunnen delen was toch best wel bijzonder.
Voor goed zicht op het podium moesten we op tijd van huis. Vroeger toen mijn ouders mij meenamen naar concerten (ja, zulke coole ouders had ik) zorgden ze er altijd voor dat ik ergens op kon staan of dat ik op de schouders van mijn vader ging. Die schouders zijn er niet meer, maar in de Paradiso zijn nog steeds wel de banken aan de zijkanten in de zaal waar je eerst voor het concert begint op kan zitten en erna als de zaal volgestroomd is op kan gaan staan om over alle andere mensen heen te kijken naar het podium. Dat is dus mijn plek, al sinds ik kind ben, maar om die plek te bemachtigen moet je op tijd zijn dus wij waren er net nadat de deuren van de zaal openden.
Sheryl ging al haar hits af. Van “Run Baby Run” tot en met “Soak up the Sun”. Als een hysterische tiener sprong ik op en neer, gilde en zong ik alles mee. Het zweet droop van mijn voorhoofd af. Mijn vrouw kwam soms niet meer bij van het lachen als ze naar me keek. Ik was weer even jong en wild met een biertje in mijn hand en mijn idool voor me op een podium. Sheryl was nog steeds Sheryl zoals ze altijd was toen ik jong was, nu was ze dan wel 62 jaar maar ze was niets veranderd. Ze was nog steeds even activistisch, vertelde hoe “messed up” Amerika wel niet was en hoe mooi het was om met haar zoons door Europese steden te kunnen wandelen tijdens haar tournee. Qua uiterlijk scheelde ze ook niet veel met zo een dertig jaar geleden. Mijn vrouw zei tijdens het concert dat ze denkt dat ze aan yoga doet. Dat ja, en ik denk dat ze ook een zeer gezonde levensstijl aanhoudt.
Naast al het gespring en geschreeuw met de rocknummers mee, raakte ze me diep. De balads kwamen keihard binnen. Mijn vrouw kreeg bij het intro van “Strong Enough” gelijk tranen in haar ogen, terwijl ze het lied niet eens kende.
Na een korte pauze en luid geschreeuw, gefluit en geklap van het publiek sloot ze het concert af met twee toegiften. Nog één keer mochten haar toeschouwers mee springen en zingen met een uptempo rocknummer, het met een Grammy bekroonde “Steve McQueen” werd het. Als tweede toegift koos ze iets compleet anders. Geen hit. Geen rocknummer. Na haar anderhalf uur durende set gevuld met hits sloot ze haar concert af met een country/gospelachtige ballad van haar allereerste album. Met het hoopvolle “I Shall Believe” voelde de Paradiso weer even als de kerk die het ooit was, waar mensen bijeenkwamen op een plek van hoop in moeilijke tijden. Zelden maakte ik de Paradiso zo stil mee tijdens een concert als tijdens deze afsluiter. De zaal was stil. Muisstil. Een krachtiger afscheid kon ze niet geven.
Onderweg terug naar huis vroeg mijn vrouw hoe het mogelijk was dat de ballads haar zo emotioneerden. Ik antwoordde haar dat ik dat ook niet wist, maar dat Sheryl dat ook bij mij teweegbrengt. Ze raakt me. Keer op keer weer.
Sheryl Crow – Gezien op vrijdag 28 juni 2024 in de Paradiso te Amsterdam